Download publicatie ElectroPraktijk

“Pas als data informatie wordt, kunnen we het zinvol gebruiken”

Auteur: Leo Hoekstra – copyright ElectroPraktijk april 2017

Met de opkomst van digitale gebouwautomatiseringssystemen ontstaat er ook een enorme hoeveelheid data. In veel gevallen
wordt die data niet of nauwelijks gebruikt, behalve voor het eenvoudig beheren en configureren van bepaalde technische
voorzieningen. “Maar als je van die data informatie maakt, gaan klanten er zoveel meer mee doen. Met die gedachte hebben wij onze software ontwikkeld. We noemen het Building Intelligence.”

Voor Marco Tames en Reindert Verbrugge van Immotix begon de ontwikkeling van hun product zo’n zes jaar geleden. Afkomstig uit de wereld van de softwareontwikkeling en Business Intelligence verbaasden zij zich erover dat er zo weinig wordt gedaan met de informatie uit gebouwgebonden installatiesystemen. “Wij keken daarbij in eerste instantie naar toegangssystemen en beveiligingsinstallaties. Vaak hebben die systemen wel een softwarepakket, maar de functionaliteit daarvan is standaard redelijk beperkt. Wij zagen het als een kans dat, als je zo’n systeem koopt, de beperkingen van de software
bepalen wat je ermee kunt. Maatwerk is in veel gevallen ingewikkeld en kostbaar. En dat zou je voor elk systeem in je
gebouw apart moeten doen. Wij bieden met onze software juist één merkonafhankelijke oplossing voor meerdere systemen.”

Starten met toegangssystemen
Immotix heeft haar software als eerste toegankelijk gemaakt voor het ATS-systeem van leverancier UTC. “De toegangssystemen
van UTC zijn, zo kunnen we wel stellen, heel veel gebruikte systemen op dit gebied. Dus als je die kunt koppelen, dan heb je meteen een groot potentieel. Met onze oplossingen mikken we ook met name op het MKB.”

Een gebruiker haalt de meeste meerwaarde wanneer hij data uit meerdere systemen gaat combineren

Met de software van Immotix is het mogelijk om vanuit de UTC-systemen te weten te komen welke medewerkers in het
gebouw zijn, maar vaak ook waar ze zijn. Dit is belangrijk voor bijvoorbeeld de receptioniste. Daarnaast bewerkt Immotix
de data ook tot specifieke oplossingen. “Een bedrijf van een bepaalde omvang moet bedrijfshulpverleners (BHV’ers) in
huis hebben.

Afb. 1: Reindert Verbrugge van Immotix tijdens zijn presentatie voor KNX
Professionals. FOTO: Henk Tukker

Met onze software ziet een bedrijf op elk moment of er BHV’ers in huis zijn, en of er voldoende aanwezig
zijn. We tonen een score op de norm voor het aantal BHV’ers die aanwezig moeten zijn op een bepaald aantal medewerkers.
Wij kunnen ook laten zien waar de BHV’ers zitten, zodat bij een calamiteit meteen de juiste mensen naar de gewenste
plek worden gedirigeerd”, vertelt Reindert Verbrugge.

Team vormen met hardwareleveranciers
Uiteindelijk behaalt een gebruiker van het Immotix softwareplatform de meeste meerwaarde wanneer hij data en dus
waardevolle informatie uit meerdere systemen gaat combineren. Daarom werkt het bedrijf hard aan het integreren
van meerdere systemen binnen haar platform. “Tot op heden lag onze focus vooral bij toegang, beveiliging, inbraak
en camerasystemen. Zo hebben we, naast UTC, ook goede afspraken met leveranciers als Assa Abloy, Mobotix en Axis. Je
ziet duidelijk een ontwikkeling dat deze bedrijven zich op hun hardware en systemen willen richten. Een bedrijf als Assa
Abloy maakt echt de meest fantastische sloten en super draadloos elektronisch & mechanisch deurbeslag. Wij zien dan
dit soort leveranciers graag met ons samenwerken om de dienstverlening aan hun klanten uit te breiden. Daarom vormen
wij een team met hen, waarbij wij zoveel mogelijk data uit hun hardware verzamelen om die als zinvolle informatie
voor de gebruikers te presenteren. Dat doen we bijvoorbeeld ook met de camerasystemen van Mobotix. Zij hebben dermate
slimme camera’s waarmee je heel veel meer kunt doen dan kijken of er iemand langsloopt”, vertelt Marco Tames. Zo kun je met camera’s ook uitstekend mensen of objecten tellen, maar bijvoorbeeld ook nummerborden herkennen. Als je dan een bepaald nummerbord registreert, kan vanzelf de poort van een gebouw opengaan. En als je iemands gezicht via de camera herkent, dan wordt die persoon automatisch als aanwezig geregistreerd in het toegangssysteem.”

Afb. 2: Met de opkomst van digitale gebouwautomatiseringssystemen ontstaat er ook een enorme hoeveelheid data.

Koppeling naar KNX automatisering

Afb. 3: Een gebruiker haalt uit het Immotix softwareplatform de meeste meerwaarde
wanneer hij data en dus waardevolle informatie uit meerdere systemen combineert.

De ambitie van Immotix rijkt duidelijk verder dan de huidige systemen die zij nu al binnen het software-platform kunnen
verwerken. Voor bepaalde opdrachtgevers zijn ze bezig om ook de data uit brandmeldsystemen te integreren. In veel gevallen is het mogelijk om van de reeds aanwezige, standalone brandmeldsystemen via een gateway van 100 euro vanuit een RS232 protocol een IP verbinding te maken. En zodra het systeem via IP zijn data kan afleveren, kan Immotix er waardevolle informatie van maken. Naast brandmeldsystemen zijn gebouwautomatiseringssystemen het volgende aandachtsveld waarop de ontwikkelaars zich hebben gericht. “Daarbij kijken wij natuurlijk naar systemen die een brede basis hebben in de markt, die toekomstbestendig zijn en die communiceren volgens een breed geaccepteerde industriestandaard, waarmee wij de data op een relatief eenvoudige wijze kunnen verwerken. Daarom verkennen wij op dit moment de mogelijkheden om samen te werken met KNX, zodat wij ook de data uit KNX-systemen van onder meer verwarming, verlichting, zonwering en ventilatie kunnen verzamelen en als informatie kunnen presenteren”, zegt Verbrugge.

Afb. 4: In het management dashboard is bijvoorbeeld
op elk moment te zien of er (voldoende)
BHV’ers in huis zijn.

“Zeker nu KNX heel recent de KNX Webservices heeft geïntroduceerd, is er een uitstekende vertaling van het KNX-systeem naar de IP-wereld beschikbaar.
Daarmee kunnen wij de dataverzameling en -verwerking vrij eenvoudig en op een handige manier uitvoeren.”

Analyseren van aanwezigheid
Volgens de heren van Immotix zit de meerwaarde van bijvoorbeeld een koppeling met een KNX-systeem vooral in het feit dat uitgebreide analyses mogelijk zijn. “Als je via bewegingssensoren kunt zien welke delen van het gebouw intensief en welke delen niet of nauwelijks worden gebruikt, dan kunnen de facilitaire dienst en de schoonmakers daar hun voordeel mee doen. Ook kan men automatisch systemen gaan uitschakelen bij inactiviteit. Dit levert forse besparing op het energieverbruik. Daarbij weet ook de eigenaar van een pand hoe en waar een gebouw gebruikt wordt. En wij kunnen die informatie genereren
uit de data die bijvoorbeeld aanwezigheidsmelders van het KNX-systeem ons bieden.” Het type gebouw waarin de diensten
van Immotix rendabel zijn, loopt erg uiteen. Belangrijke doelgroepen zijn retail, horeca, de zorgsector, maar ook bedrijfsverzamelgebouwen. Volgens Verbrugge en Tames moeten installateurs en systeem integratoren hen niet zien als
concurrent maar juist als een partner. “Installateurs en systeem integratoren bieden hun klanten een betere dienstverlening
met ons softwareplatform. Voor ons is het bespreekbaar om ons platform onderdeel te laten uitmaken van de dienstverlening van de installateur of systeem integrator, in de vorm van een partnership. Het softwaresysteem stelt hen dan nog beter in staat
om een langdurige relatie met klanten op te bouwen. Je kunt gebouwautomatisering veel meer als dienstverlening gaan aanbieden, waarbij informatie de waardevolle driver wordt voor een eindgebruiker. Bovendien is ons systeem geen vervanging voor de besturing die KNX verzorgt. Maar door de informatie die wij uit het systeem destilleren, kunnen de beheerder en een systeem integrator de systemen wel steeds beter inregelen en een slim gebouw realiseren.”

Minder hardware, meer diensten
Dergelijke constructies bestaan al met gespecialiseerde installatieparters, zo vertellen de beide heren. “Het bedrijf Van Bragt Elektro is een landelijk opererende specialist in tijdregistratie. Van Bragt wordt geraadpleegd als het gaat om tijdsregistratie met bijvoorbeeld complexe roosters en CAO-afspraken. Het bedrijf kan nu, dankzij ons platform, behalve met hardware hun afnemers gerichter helpen door inzicht en informatie te bieden. Uiteindelijk gaat het de klant niet om dat stukje hardware, maar wel om de diensten en inzichten die de systemen hem of haar opleveren. En dat is precies waar Van Bragt steeds meer
nadruk op legt als het haar systemen aanbiedt.

Afb. 5: Met slimme camerasystemen kun je ook uitstekend mensen of objecten tellen,
maar bijvoorbeeld ook nummerborden herkennen.

Wij zien diezelfde ontwikkeling ook weggelegd voor de systeem integratoren
die gebouwautomatisering aanbieden en realiseren. Zoals Van Bragt een adviseursrol op zich neemt als het gaat om tijd- en aanwezigheidsregistratie, en daarvoor ook een dienstverlening afsluit, zo kunnen systeem integratoren zich onmisbaar maken door veel meer informatie te destilleren uit de data die een gebouwautomatiseringssysteem oplevert.” Volgens Verbrugge is dat namelijk dé manier om bij een klant in de picture te blijven. “Neem die paslezers en tijdregistratiemodules die Van Bragt levert.
Die zijn zo goed, die gaan praktisch niet stuk. In principe hoef je daarvoor geen dienst af te sluiten. Maar nu we de klant
helpen hun data naar informatie te vertalen, dan komen daar steeds weer nieuwe inzichten uit die vaak ook weer leiden tot nieuwe investeringen.” Als installateurs of systeem integratoren het softwareplatform aan hun klanten willen aanbieden, dan kan Immotix als partner daarin optreden. Dit betekent onder meer dat beide partijen investeren, wanneer het nodig is om de software aan te passen aan de klantwensen. Zo wordt het daarna als dienstverlening, op basis van een abonnement, aangeboden.

Gericht op meer samenwerking
Als Immotix naar de toekomst kijkt, zien beide heren de komende jaren enorm veel nieuwe mogelijkheden ontstaan. Deze ontstaan vooral wanneer de software – die nu vaak nog lokaal op een server bij een klant is geïnstalleerd – ook verbinding kan maken met de cloud of – steeds vaker – in de cloud wordt geïnstalleerd. “Nu hebben nog veel opdrachtgevers er een veilig gevoel bij wanneer ons platform lokaal draait. Maar op zich hoeft de beveiliging geen barrière te zijn om ons systeem in de cloud te zetten.

Het automatisch uitschakelen van systemen bij inactiviteit levert forse besparing op het energieverbruik

En als de mogelijkheid er is om ons systeem met andere systemen te laten communiceren en gegevens uit te wisselen, dan ontstaan duizend-en-één mogelijkheden. Zoals eerder genoemd, kunnen we een toegangssysteem van een garage
koppelen met een openbaar registratiesysteem van kentekens. Een dergelijk ‘automatic numberplate recognition’ systeem is nu al in de cloud beschikbaar en dus te koppelen. Maar denk straks ook aan een dienst als Google image search. Deze database met portretten en beelden kan handig zijn voor recepties of beveiligers. En zo zijn er veel meer – en dat aantal groeit echt snel – openbare databases die mogelijk zinvol zijn om te combineren binnen één en hetzelfde softwareplatform in een gebouw. We
moeten die mogelijkheden wel onder de aandacht brengen van de afnemers. In onze optiek zijn installatiebedrijven en systeem integratoren die meegaan met deze nieuwe ontwikkelingen daarvoor zeer geschikte marktpartijen.”